Latest Entries

Zegevierend vrijheidsfundamentalisme

Roos voelt geen echte band met haar kat Lotje. Roos is 28, woont in Utrecht en is naar eigen zeggen een kattenliefhebster. Roos nam Lotje in huis omdat Lotje in haar vorige huis veel geplaagd werd. Roos vertelt dat ze voor Lotje weliswaar liefde koestert, maar dat het geven van aandacht en genegenheid moeite kost omdat ze zich vaak irriteert aan Lotje. Roos wil Lotje nu wegdoen, maar vraagt zich af of dat wel kan. Bovenstaand dilemma werd niet omschreven in een uithoekje van een van de rariteitenkamers op het internet. Het stond in de Volkskrant van afgelopen zaterdag, gevolgd door een tiental reacties van mede-zichzelf-ongetwijfeld-tot-de-hogere-klasse-der-samenleving-rekenende-volkskrantlezers

.

Lang overwoog ik om Roos te citeren en het slechts daarbij te laten. Waar is het mis gegaan in dit land? Roos vindt dat haar relatie met haar kat gebaseerd moet zijn op een wederzijds gevoel van genegenheid. Kat Lotje irriteert Roos, terwijl Roos zo haar best doet om liefde te tonen. Milan Kundera schrijft dat de werkelijke morele test van de mensheid haar betrekkingen met de dieren is, omdat deze het meest aan haar goedheid zijn overgeleverd. Roos ziet Lotje niet als afhankelijke waar ze voor moet zorgen. Juist de wederkerigheid is voor Roos de kern van haar relatie met Lotje.

Muntthee
Onlangs ving ik op een terras een gesprek op tussen twee vriendinnen van ergens in de veertig. Beiden dronken een glas muntthee en zouden later op de avond samen naar de Stadsschouwburg gaan. Carien ging haar man verlaten en vertelde over de reactie van haar achtjarige zoontje. Carien had hem verteld dat ze, hoewel er geen sprake van aanhoudende ruzies was en er nooit een onvertogen woord in huis viel, zelf gelukkiger zou zijn wanneer Diederiks vader ergens anders ging wonen. Diederik was hard weggerend, maar niet nadat hij haar nog een zin had toegeroepen: ‘Waarom heb je het steeds over jouw geluk. Je hebt kinderen, mama.’

Afgelopen week speelde een soortgelijk tafereel zich af op de bankjes van de stiltecoupé naar Utrecht. Er liep een stelletje binnen. Ruben droeg een donkerbruin jasje, witte broek en kekke Van Bommels; Charlotte een lichtblauwe zomerjurk uit de PC met ingetogen hakjes. Ze ontmoetten een oude bekende van Charlotte, samen hadden ze een jaar aan het conservatorium gestudeerd. De twee gingen naar een bruiloft waar het meisje ook heen bleek te gaan. Plots vroeg een oudere vrouw achter hen beleefd of zij haar boek in stilte zou kunnen lezen, we zaten tenslotte in een stiltecoupé en de trein was verder zo goed als leeg. ‘Maar mevrouw, wij hebben elkaar zo lang niet gezien en moeten echt even het een en ander uitwisselen voor we elkaar op de borrel weer uit het oog verliezen’, antwoordde Ruben. De vrouw zweeg, de jongelui kakelden verder.

Vrijheidsfundamentalisme
Wanneer Roos haar kat de deur uitzet omdat de kat haar liefde niet beantwoordt, wanneer Carien haar kind passeert omdat ze daar zelf gelukkig van wordt, wanneer Ruben de beleefde vraag van een oudere negeert omdat hij zelf even een babbeltje wil maken, verbaas ik me niet meer over de honderdduizenden kinderen in de jeugdzorg. Dan verbaas ik me niet meer over de tetterende hiphop-iPhones in de metrostations. Dan verbaas ik me niet over al die honden die zonder pardon op straat gezet worden. Het eigen geluk dat staat voorop en daar moet de rest voor wijken. En hoe graag Roos, Carien, Ruben en Charlotte ook naar de provinciale wijken vol PVV’ers wijzen waar volgens hen enkel immorele barbaren huizen, het verdwijnen van beschaving stopt niet bij de grens van Noord-Limburg. De daar plaatsvindende wantoestanden die onze media domineren zijn uiteindelijk uitwassen van het libertaristische vrijheidsfundamentalisme dat zegeviert op de pagina’s van de Volkskrant, ronddanst op bruiloften in Utrecht en bejubeld wordt in de Amsterdamse stadsschouwburg.

Arne Mosselman heeft toch altijd nog ergens iets sociaaldemocratisch.

Verscheen eerder op DeJaap

Willard Grant Conspiracy

Van de week ontdekt, mede - of eigenlijk geheel - mogelijk gemaakt door Joep Smaling.

Netwerkgeneratie, vergeet niet achterom te kijken

Ernst-Jan Pfauth, blogger/journalist en oprichter van de netwerkrevolutie wil met dat blog de netwerkgeneratie - een groep die weet ‘hoe social media werkt, hoe ze kunnen netwerken en met idealen’ - activeren om de wereld te veranderen. Maandag aten we een hapje en Ernst-Jan vroeg me wat in mijn ogen de opdracht van de netwerkrevolutie zou moeten zijn.

De netwerkgeneratie is blij met het ‘doorbreken’ van de oude instituties. Via nieuwe kanalen zou verandering kunnen worden bereikt. En die nieuwe mogelijkheden worden gezegevierd en omarmd. Maar juist de netwerkrevolutie zou echter ook oog moeten hebben voor de nieuwe risico’s die met het wegvallen van die instituties ontstaan. Want veel structuren waren er niet voor niets, en het lijkt me getuigen van een naïef moderniteitsgeloof dat er niets slechts verdwijnt. Juist de voorstanders van de moderniteit, voor de samenleving 2.0, zijn het aan hun stand verplicht om ook te kijken wat er kapot gaat, en daar eigentijdse antwoorden op te formuleren. Ik doe drie suggesties, maar realiseer me dat de lijst nog lang niet compleet is.

Nieuwe onderzoeksjournalistiek
In een tijd waarin traditionele instituties aan invloed inboeten, is macht steeds minder zichtbaar. Wie er aan welke touwtjes trekt is onduidelijk en juist om dit bloot te leggen is onderzoeksjournalistiek een vereiste. Maar ook die verdwijnt, of krijgt in ieder geval veel minder geld en aandacht. We hijgen als geile hondjes achter de sociale gezichten van Google en Apple aan, maar wat zijn hun daadwerkelijke beweegredenen? Ernst-Jan liet al eerder zien dat het lang niet allemaal schone schijn is.

De netwerkrevolutie zou - met behulp van nieuwe media - opnieuw media in het leven moeten roepen om macht te controleren. En dat zou prima volgens de 2.0 methode kunnen. Kunnen we bijvoorbeeld het gat wat vertrekkende landencorrespondenten in Afrika achterlaten niet opvangen door via een crowdsourced website op vakantie allemaal een dagje onderzoek te doen en alle ‘fairtrade’ plantages in een jaar te fotograferen?

Maatschappelijke polarisering
Internet biedt ongekende mogelijkheden om met iedereen in de wereld tegen nul kosten - of energie - in contact te komen. Dit betekent echter ook dat het niets kost om met iedereen in de wereld niet in contact te komen. De divergerende krachten in de samenleving zetten zich op internet alleen maar in sterkere vorm voort; iedereen heeft zijn eigen plekje op het web en kankert daar op de rest.

Op zich niet erg voor het dagelijkse leven, maar het draagvlak voor een welvaartsstaat die geënt is op een afgebakende natie zal afnemen wanneer de inwoners steeds minder gemeen hebben. Solidariteit in de verzorgingsstaat hangt sterk samen met een gedeelde lotsverbondenheid, en de principes van de nieuwe media zetten deze onder druk. Hoe kunnen we dit tij keren, en ervoor zorgen dat ook op internet ontmoetingen ontstaan met mensen met wie we in eerste instantie vrij weinig gemeen lijken te hebben? Of is dit niet nodig? Laten we er in ieder geval niet aan voorbij gaan.

Banen voor de onderkant?
Die nieuwe samenleving biedt voor hoogopgeleiden die goed kunnen netwerken ongekende mogelijkheden. De vraag is of mensen die in 1.0 of 0.5 banen werken mee kunnen draaien in deze nieuwe wereldorde. Voor de netwerkgeneratie betekent 2.0 de mogelijkheid om deel uit te gaan maken van het management van een Thaise rijstplantage om deze te verduurzamen, voor anderen betekent globalisering de mogelijkheid voor Thaise plantagewerkers om de laagbetaalde banen van hier over te nemen.

Wanneer ik naar de jongens en meisjes van de netwerkgeneratie kijk, zie ik een groep die staat te popelen om de wereld te veranderen. Met de iPad onder de arm willen zij nu het verschil maken, grappend over de babyboomers en hun oude zuilensysteem. Maar af en toe achterom kijken kan helemaal geen kwaad. De weg naar de toekomst is immers niet voor iedereen even glad geplaveid.

Dit stuk verscheen eerder op DeJaap

Rise of Spring - Igor Stravinsky

Luister niet langer naar de lokale stamhoofden

Het is 28 februari, een zonnige winterse dag in het oosten van het land. De ganse Turkse gemeenschap is erop uitgetrokken om een groot feest te vieren; er wordt getrouwd! En terwijl de laatste restjes baklava weggesnaaid worden door de kleintjes, grijpt een oudere man met grote borstelsnor de microfoon. Of de mensenmenigte zich in drieën wilt delen, ieder in een hoek van de zaal.

Stemmen verdelen
Er moet namelijk gestemd worden woensdag, en voor de dorpse gemeenteraad staan drie Turken op de kieslijst. De man met de snor pakt een groot wit formulier met allemaal lijsten en begint uit te leggen. Groep 1, linksvoor, stemt op lijst 1 plek 8. En de groep achter in de zaal moet ook op de meest linkerlijst het twaalfde vakje aankruisen. De rechtergroep moet de 2e lijst hebben, daar staat op plek 6 een Turkse-Nederlander.

Er klinkt wat gemor onder een paar jonge, modern ogende feestvierders, maar soit, het is een feestdag en de discussies over de wenselijkheid van verkazing zullen ook vandaag niet beslecht worden. Wanneer de uitslagen vrijdag binnenrollen, blijkt waar iedereen al op rekende uitgekomen: alle Turkse kandidaten zijn gekozen.

Is dit een unicum? Nee, het gebeurde in het hele land. Op bruiloften, in moskeetjes of via de mail werd ervoor gezorgd dat de kandidaten die niet op een verkiesbare plaats stonden, hoger zouden komen. Terwijl men – terecht – verontwaardigd was wanneer ouderen aangaven wel PvdA te willen stemmen maar gewoon op een Hollander en niet op een hoofddoekje, werd twee straten verderop elke allochtoon erop gewezen dat ze wel op de Marokkaanse moesten stemmen. ’Ach, u bent Turks? Die leveren wij ook, dan stemt u op plek 19.’

Natuurlijk trapt niet iedereen hier in, en maakten vele Marokkanen, Turken of Somaliërs zelf hun afweging. Maar het is wel tekenend dat juist de progressieve partijen om de tafel kropen met conservatieve ´vertegenwoordigers´ om stemmen te vergaren. ‘Het gaat niet om je afkomst, maar om je toekomst’ klonk het overal. Maar blijkbaar niet als er zieltjes gewonnen kunnen worden.

Rassenkaart
Bleef het hierbij? Nee. Allerhande allochtone kandidaten werden door hun eigen partijen gesommeerd vooral naar de ‘achterban’ te gaan. Dan wordt ook op links de rassenkaart te pas en te onpas vrolijk getrokken. En juist die drinkende, tuigaanpakkende raadsleden die zich de afgelopen jaren hadden ontworsteld aan de soms verstikkende sociale controle uit de achterban, kregen vanuit hun eigen partij telefoontjes: ‘als je niet vaker naar de moskee komt gaan we niet op je stemmen’.

Is dat erg? Ja. Want voor wat hoort wat, zeker in de politiek. En dus zullen al die nieuw gekozen politici gedwongen worden naar de pijpen van hun achterban te dansen. Belofte maakt immers schuld, en we kunnen best nog wat meer parkeerplaatsen voor de moskee gebruiken. In Rotterdam blijkt zelfs dat het grootste obstakel voor een coalitie van PvdA – Leefbaar cliëntilistische verkiezingsbeloftes te zijn. Dat zou toch het hek van de dam moeten zijn. En niet zo’n beetje ook.

Ook de komende maanden zullen weer in het licht staan van prachtige staaltjes electoraal gepaai. En natuurlijk hoort dat bij verkiezingen. Maar dat gepaai kan en mag nooit zo bepalend worden dat principes opzij gezet worden. Cohen zal van alle kanten ongetwijfeld het advies krijgen zijn imago als allochtonenknuffelaar uit te buiten en stemmen te winnen op het breedgedragen anti-Wilders sentiment. Maar waar dit misschien tot een overwinning op 9 juni kan leiden, is dit vanaf 10 juni een enorm blok aan het been: hoe de kiezers met oerconservatieve gedachten tevreden te houden en tegelijkertijd het programma over gelijke rechten uit te voeren?

De progressieve partijen moeten de komende maanden niet dezelfde fout maken. Ze moeten een onverdeeld links geluid laten horen, gelijke kansen voor iedereen maar zeker ook gelijke rechten. En wanneer dit bij een aantal lokale stamhoofden tot gemor leidt, dan is dat maar zo; juist de partijen die op willen komen voor de minderheden lijken te onderschatten hoeveel nieuwe-Nederlanders de oude knuffelpraatjes zat zijn. Juist zij willen op een moderne boodschap stemmen en niet op basis van hun huidskleur voor het karretje van de zoveelste carrière-allochtoon worden gespannen. Voor de toekomst van de progressieve partijen zijn deze vrijgevochten topallochtonen veel belangrijker dan het orthodoxe anti-Wilders stemvee. Dat hoorde eigenlijk toch al niet op links thuis.

Arne Mosselman staat in zijn vrije tijd graag foldertjes uit te delen voor Marokkaanse kandidaten, ondanks zijn blonde haren en blauwe ogen.

Dit artikel werd eerder op DeJaap geplaatst.

Beatz

Grey Album - Dangermouse

Thanks to Nalden, Grey Album jaren niet geluisterd. Check it out hieronder.

Gucci Mane @ GrooveShark

Hard album van Gucci. Afgespeeld via www.grooveshark.com. Alle muziek (geen klassiek helaas) gratis, inclusief mobile streaming. Check die site.

Luctor et Emergo

Exclusieve beelden van het wonder van de Hudson, vlucht1549 New York City vanDavid Martin. Via The Daily Dish.

Zaterdag Poezie #1

“In de scherpe sprankeling van vandaag, deze winterlucht, kan alles worden gemaakt, elke zin worden begonnen. Op de rand, op de drempel, op het keerpunt.” Elizabeth Alexander sprak bij de inauguratie van Obama ‘een lofzang op de dag’ uit. In Trouw afgelopen zaterdag uitgebreid commentaar van Theo de Boer, het gedicht hieronder.

Elke dag doen we onze dingen,
lopen langs elkaar heen,
vangen elkaars blik of niet, praten of maken aanstalten te gaan praten.

Overal om ons heen is lawaai. Overal om ons heen
lawaai en doornstruiken, distels en herrie, met al
onze voorouders op onze tong.

Iemand naait een zoom, stopt
een gat in een uniform, plakt een band,
repareert de dingen die gerepareerd moeten worden.

Ergens probeert iemand muziek te maken
met een paar houten lepels op een olievat,
met cello, gettoblaster, mondharmonica, stem.

Een vrouw en haar zoon wachten op de bus.
Een boer bestudeert de veranderende lucht.
Een leraar zegt: Pak je potlood. Begin.

We komen elkaar tegen in woorden, woorden
stekelig of strelend, zacht of op hoge toon,
woorden om te overwegen, te heroverwegen.

We steken zandpaadjes en snelwegen over die de wil
van iemand markeren en dan van anderen die zeiden:
Ik moet de overkant zien.

Ik weet dat het verderop beter is.
We moeten een plek vinden waar we veilig zijn.
We lopen datgene in wat we nog niet kunnen zien.

Zeg het ronduit: dat er velen gestorven zijn voor deze dag.
Zing de namen van de doden die ons hier hebben gebracht,
die de spoorwegen aanlegden, de bruggen bouwden,

het katoen en de sla plukten, steen voor steen
de blinkende gebouwen oprichtten
om die vervolgens schoon te houden en erin te werken.

Lofzang voor strijd; lofzang voor de dag.
Lofzang voor elk met de hand beschreven bord;
het passen en meten aan de keukentafel.

Sommigen hebben als motto: Heb je naaste lief als jezelf.
Anderen: Doe voor alles niemand kwaad of Neem niet meer
dan je nodig hebt
. Stel dat het machtigste woord echt liefde is?

Liefde voorbij huwelijk, kinderen, vaderland.
liefde die een steeds groter meer van licht verspreidt,
liefde die geen preventie van grieven nodig heeft.

In de scherpe sprankeling van vandaag, deze winterlucht,
kan alles worden gemaakt, elke zin worden begonnen.
Op de rand, op de drempel, op het keerpunt,

lofzang voor het naar voren lopen in dat licht.

Elizabeth Alexander
Vertaling: Robbert-Jan Henkes en Erik Bindervoet



Copyright © 2004–2009. All rights reserved.

RSS Feed. This blog is proudly powered by Wordpress and uses Modern Clix, a theme by Rodrigo Galindez.