Archived entries for opinie

Uitgesproken column @ fusiedebat D66 & GroenLinks

Gisteravond las ik in P96 een column voor over het bundelen der progressieve krachten. Hieronder de tekst.

Beste mensen.

Op Facebook las ik dat u zich vanavond afvraagt of progressieve krachten zich moeten verenigen. Dat progressieve moet wel iets heel bijzonders zijn als het een alliantie tussen ex CPN’ers en kinderen van Thorbecke teweeg kan brengen dacht ik, een zoektocht naar uw gemeenschappelijkheid volgde. Zo stuitte ik op de volgende tekst van GroenLinks Rotterdam fractievoorzitter Arno Bonte.

“Er tekent zich een nieuwe politieke waterscheiding af: een tegenstelling tussen de optimisten en de pessimisten. De optimisten, de mensen die vooral de kansen zien in de veranderende samenleving, vind je bij GroenLinks, D66, VVD en (in iets mindere mate) bij de PvdA. En de pessimisten, de mensen die de veranderende samenleving vooral als bedreiging ervaren, vind je bij de PVV, SP, SGP en (in iets mindere mate) bij CDA en ChristenUnie.”

Dit moet het progressieve wat u bindt dus zijn. Een groep mensen die vooral de kansen zien in een veranderende samenleving. Ik zie uw hoofden niet, maar ik denk dat ze knikten bij de woorden van Bonte. U zegt het eigenlijk ook al op uw verkiezingsposters: Zin in de toekomst, zeggen de Groenlinksers. Europa, globalisering, kenniseconomie ja!, zegt D66.

U bent optimistisch. U maakt zich wellicht zorgen over de internationale concurrentiepositie van Nederland, maar de centrale vraag is telkens: horen wij bij de top 10 of de top 5. Kan ons university college zich wel meten met Oxford.

U moet niets hebben van de anti-europeanen, de globaliseringsontkenners. De bange boze man ziet Poolse chauffeurs, u ziet een internship in HongKong. U noemt de bange boze man conservatief, maar u bent progressief want niet bang voor veranderingen.

Ik denk dat u uzelf ten onrechte progressief noemt.

150 jaar geleden raasde er ook verandering door Europa. De industriele revolutie bezorgde welvaart en verbond Europa met duizelingwekkende snelheid met de rest van de wereld. Voor de kapitalisten lag de wereld aan de voeten. Zij plukten de vruchten van deze welvaart. Zij hadden er zin in. Globalisering, ja!
En de rest, de rest was bang. Bang dat banen zouden verdwijnen. Bang dat het minimumloon zou dalen en de prijzen zouden stijgen. Bang dat machines het werk van de handen over zouden nemen en ze de volgende dag de laan uitgestuurd zouden worden.
Toen stonden er progressieve partijen op om die bange mensen zekerheden te bieden. Want bestaanszekerheid gaf vrijheid. Daarom omarmen en steunden zij de bange mensen. De achterban van de progressieven waren de toekomstpessimisten. Daarom ontslagrecht. Daarom minimumloon. Daarom arbeidscontracten. Daarom AOW. Omdat niet iedereen daar zelf voor kan zorgen, en leven zonder zorgen vrijheid geeft.

U geeft graag af op dat behoudende conservatisme, maar in de strijd tegen onderdrukkende structuren stonden conservatieven en progressieven veel dichter bij elkaar dan bij de liberalen.

En het is dan ook niet toevallig dat vandaag de dag de socialist Richard Sennett veel van zijn analyses deelt met Balkenende’s inspirator Amitai Etzioni. Beiden zien dat mensen die in een steeds grotere, onvoorspelbaardere en diversere wereld op zoek zijn naar houvast om hun leven zekerheid te geven.

Sennett spreekt over het onvermogen van veel mensen om hun eigen biografie te vertellen, om hun verhaal in een groter perspectief te plaatsen. U, de zelfbenoemde progressieven, kunnen dat. Bange mensen kunnen dat niet meer. Zij ervaren de ontwikkelingen die hun leven ingrijpend veranderen als opgedrongen. Het moderne, flexibele kapitalisme heeft de gewone, tot een op drift geslagen mens gemaakt.

Als u mij vraagt waar een progressieve partij anno 2011 voor zou moeten staan, zijn het opnieuw de mensen die onder grote, ongrijpbare structuren bezwijken. Mensen die bang zijn, en er niet op vertrouwen dat het volgend jaar beter gaat. Mensen die zonder te verhuizen of van baan te veranderen in een andere wereld terecht zijn gekomen waarin zij de weg niet kennen. Hen uitzwaaien en uitleveren aan partijen die deze angstgevoelens in politiek ressentiment omzetten vind ik onverstandig en juist niet progressief.

Als u het mij vraagt vertellen ware progressievelingen niet dat Europa goed is en alleen maar banen oplevert. Dat mag misschien feitelijk kloppen, maar men moet er dan ook bijvertellen dat het banen in de dienstensector oplevert, en banen aan de onderkant kost. Het eerlijke verhaal van Europa, van de globalisering, is dat er mensen onder bezwijken als de overheid niet ingrijpt. Voor deze mensen moet een progressieve partij opkomen.
Als u het mij vraagt staan ware progressievelingen volgende week vrijdag niet op het museumplein voor een hogere notering in de kenniseconomie-index, maar voor de aanpak van de enorme misstanden in de leerfabrieken die wij het MBO noemen.
Als u het mij vraagt staan ware progressievelingen niet te juichen bij meer migratie en een soepeler ontslagrecht, maar trekken zij het eerste aan de bel als de lasten hiervan bij de zwakkeren komen te liggen.

Als een fusie tussen GroenLinks en D66 die progressieve partij oplevert doe ik mee. Maar ik heb zo’n vaag vermoeden dat de gemeenschappelijkheid niet in een visie op emancipatie zit. Of het aan de staat, of aan het individu is om zekerheden te zoeken. Uw overeenkomstigheid is uw motivaction-positionering.

Jan-Bert Vroege schreef vanmiddag op zijn weblog: “wat ons bindt is dat wij optimistisch en toekomstgericht zijn”. Wanneer uw gemeenschappelijke factor vanavond uw eigen toekomstpositivisme is, zou ik geen fusie adviseren. U leest wellicht dezelfde krant, houdt van dezelfde cabaretiers en draagt net zo’n bril als Jeroen Mirck, maar in navolging van Jan Nagel’s geraniumclubje een politieke partij op lifestyle baseren lijkt mij onverstandig.

Willders’ wantrouwen.


Ik liep afgelopen donderdag rond op de radicaliseringsconferentie van de gemeente Amsterdam. Het publiek in de zaal dekte het gehele Amsterdamse kleurenspectrum, inclusief hoofddoekjes, wapperende haren en hier en daar een djelebba. Maar ook linkse hippies, nette juristen en de nodige dosis voskuil-ambtenaren. Om de multicul-boel compleet te maken bleek ik mijn broodje kaas met een koosjer-eter te delen. Letterlijk schouder aan schouder tegen extremisme.

En dat is niet uniek. Ook ons leger in Afghanistan bestond uit christenen, moslims en atheisten. En uit mensen met dubbele paspoorten. Sterker nog, een van de soldaten die voor ‘ons vaderland’ sneuvelde heette Azdin Chadli. De Amsterdamse politie organiseerde ook dit jaar een politie iftar omdat zoveel moslims onze straten veiliger maken. Wilders ziet al deze agenten die vast als stiekeme coupeplegers, ik als dienders die ‘s avonds in het cafe kopstoters in de cel gooien.

De Nederlandse rechtsstaat wordt dagelijks verdedigd door mensen met een dubbele nationaliteit, of met een geloof dat door de gedoogpartner van onze coalitie als een politiek gevaar wordt gezien. Het zijn juist deze mensen, de stille grote meerderheid, die laten zien dat je afkomst er niet toe doet. Dat is waar Nederland voor staat.

Keer op keer ontkent de PVV deze realiteit. Wil zij de loyaliteit van alles wat anders is in twijfel trekken. In plaats van bondgenoten te zoeken die samen willen strijden tegen onrecht maakt zij iedereen verdacht. Nieuwste voorstel in deze bangmakerij is het pleidooi om enkel militairen met een enkel paspoort het leger in te laten. Onderliggende boodschap: 2 paspoorten zijn gevaarlijk. Ter illustratie refereerde Hernandez aan de islamitische legerpsychiater die vorig jaar kort voor zijn uitzending naar Irak op een militaire basis in Texas dertien mensen doodschoot. Een bizarre generalisatie aan de hand van een droevige gebeurtenis. Alsof door Lucassen geen PVV’er meer in een Nederlandse woonwijk mag wonen.

Door selectief voorbeelden uit te zoeken - is Tanja Nijmeijer wel loyaal aan Nederland, en hoeveel islamitische soldaten stierven er al voor Amerika? - zegt de PVV botweg dat het wantrouwen van minderheden legitiem is. Walgelijk. En Rutte? Rutte zwijgt.

Arne Mosselman smacht naar het moment dat de premier van alle Nederlanders deze onzin van Wilders niet langer pikt, Wilders met luide stem weerspreekt en openlijk zijn steun voor al die ondersteuners van onze rechtsstaat uitspreekt.

Foto:Imam Hashim Raza leads mourners in prayer during a funeral for Mohsin Naqvi at al-Fatima Islamic Center in Colonie, N.Y., Monday, Sept. 22, 2008. Naqvi was a Muslim, a native of Pakistan (he emigrated to the U.S. with his family when he was 8 years old and became a citizen at 16) and a U.S. Army officer. He was killed by a roadside bomb while on patrol last week in Afghanistan. (AP Photo/Mike Groll) #

Rutte en Verhagen legitimeren Wilders

Nu het regeerakkoord klaar is en de focus op de 18 miljard bezuinigingen ligt, is het goed om eens terug te blikken op de allereerste coalitieafspraak van CDA, VVD en PVV. Begin augustus stelden de drie partijen gezamenlijk op dat ze van mening verschillen over de aard van de Islam. Wilders is van mening dat de Islam een politieke ideologie is die Nederland wil veroveren, de overige partijen schreven toen op dat briefje dat zij de Islam een religie ‘vinden’. Het beeld dat uitging van deze afspraak was dat het om een fundamenteel punt ging. Een standpunt dat de drie partijen gezamenlijk belangrijk vinden.

Vergeten excuusbrief
Waar Wilders sindsdien dag in dag uit zijn best doet duidelijk te maken waarom hij de Islam een politieke ideologie vindt, zou je van de overige coalitiepartijen op zijn minst af en toe een poging verwachten hun kant van de zaak duidelijk te maken. Wanneer PVV’er Bosma stelt dat liberale moslims mogelijke wolven in schaapskleren zijn die de boel over willen nemen, zou je dan ook van VVD en CDA - die nota bene moslims in eigen gelederen hebben - verwachten dat ze de volgende dag in de krant keihard het tegendeel beweren. Het is echter muisstil aan dat front. En hoe langer het duurt en hoe meer er tegen te spreken valt - denk ook aan Ground Zero - hoe meer het beeld opdoemt van twee partijen die het papiertje enkel als excuusbrief nodig hadden om formeel afstand van Wilders te nemen.

Die handtekening van begin augustus is iedereen echter weer vergeten; de enige die nog over de Islam praat is Wilders. Door niet stelselmatig afstand te nemen van zijn uitspraken en wel dagelijks met hem lachend ‘werkend aan een akkoord’ op de foto te staan legitimeren Verhagen en Rutte Wilders’ standpunten.

Propaganda
In een artikel in de New York Times over toenemende moskeeprotesten komt de werkloze Diana Serafin aan het woord. Ze woont in een stadje in de buurt van San Diego:

As a mother and a grandmother, I worry. I learned that in 20 years with the rate of the birth population, we will be overtaken by Islam, and their goal is to get people in Congress and the Supreme Court to see that Shariah is implemented. My children and grandchildren will have to live under that.”
“I do believe everybody has a right to freedom of religion. But Islam is not about a religion. It’s a political government, and it’s 100 percent against our Constitution.

Verhalen als die van Diana Serafin laten zien dat de islamiseringsfabeltjes, inclusief belachelijke feitenverdraaiingen die Wilders en zijn internationale vrienden dag in dag uit propaganderen, in vele hoofden ingang vinden. Nu helpt het PR-technisch zeker niet dat een kleine groep moslims Wilders’ uitspraken steeds bevestigt en dat in de media het telkens de randdebielen zijn die alle aandacht krijgen (en nemen). Maar het baart me ernstige zorgen dat de regeringspartners van Wilders vrolijk over koopkrachtplaatjes blijven praten wanneer Wilders via speeches in New York of Berlijn zijn boodschap de Nederlandse huiskamers binnenloodst.

Geweld
Waarom? Veel moslims ervaren toenemende discriminatie en scheldpartijen op straat. Vijandige bejegening komt vaker voor. En nog schrikbarender, de afgelopen jaren vindt er bijna drie keer per maand geweld plaats tegen moskeeën of Islamitische scholen, zo melden de weblogs Republiek Allochtonie en Frontaalnaakt - helaas als een van de weinigen.

In het licht van deze toenemende vijandigheid is het absurd dat Rutte & Verhagen in geen velden of wegen te bekennen zijn om met dezelfde regelmaat en in net zulke krachttermen als Wilders de Nederlandse burgers die de Islam aanhangen te omarmen en de collaboratiebeschuldigingen van Bosma te weerspreken. Leiden de uitspraken van Wilders direct tot geweld? Nee. Maar wanneer hij niet tegengesproken wordt door mensen die hem in het zadel plaatsen worden deze wel bekrachtigd. Of de Islam wel of geen politieke ideologie is, is geen simpel politiek meningsverschil waar je in één alineaatje afstand van neemt, maar een fundamenteel punt waarvan de gevolgen lang door zullen resoneren.

Zegevierend vrijheidsfundamentalisme

Roos voelt geen echte band met haar kat Lotje. Roos is 28, woont in Utrecht en is naar eigen zeggen een kattenliefhebster. Roos nam Lotje in huis omdat Lotje in haar vorige huis veel geplaagd werd. Roos vertelt dat ze voor Lotje weliswaar liefde koestert, maar dat het geven van aandacht en genegenheid moeite kost omdat ze zich vaak irriteert aan Lotje. Roos wil Lotje nu wegdoen, maar vraagt zich af of dat wel kan. Bovenstaand dilemma werd niet omschreven in een uithoekje van een van de rariteitenkamers op het internet. Het stond in de Volkskrant van afgelopen zaterdag, gevolgd door een tiental reacties van mede-zichzelf-ongetwijfeld-tot-de-hogere-klasse-der-samenleving-rekenende-volkskrantlezers

.

Lang overwoog ik om Roos te citeren en het slechts daarbij te laten. Waar is het mis gegaan in dit land? Roos vindt dat haar relatie met haar kat gebaseerd moet zijn op een wederzijds gevoel van genegenheid. Kat Lotje irriteert Roos, terwijl Roos zo haar best doet om liefde te tonen. Milan Kundera schrijft dat de werkelijke morele test van de mensheid haar betrekkingen met de dieren is, omdat deze het meest aan haar goedheid zijn overgeleverd. Roos ziet Lotje niet als afhankelijke waar ze voor moet zorgen. Juist de wederkerigheid is voor Roos de kern van haar relatie met Lotje.

Muntthee
Onlangs ving ik op een terras een gesprek op tussen twee vriendinnen van ergens in de veertig. Beiden dronken een glas muntthee en zouden later op de avond samen naar de Stadsschouwburg gaan. Carien ging haar man verlaten en vertelde over de reactie van haar achtjarige zoontje. Carien had hem verteld dat ze, hoewel er geen sprake van aanhoudende ruzies was en er nooit een onvertogen woord in huis viel, zelf gelukkiger zou zijn wanneer Diederiks vader ergens anders ging wonen. Diederik was hard weggerend, maar niet nadat hij haar nog een zin had toegeroepen: ‘Waarom heb je het steeds over jouw geluk. Je hebt kinderen, mama.’

Afgelopen week speelde een soortgelijk tafereel zich af op de bankjes van de stiltecoupé naar Utrecht. Er liep een stelletje binnen. Ruben droeg een donkerbruin jasje, witte broek en kekke Van Bommels; Charlotte een lichtblauwe zomerjurk uit de PC met ingetogen hakjes. Ze ontmoetten een oude bekende van Charlotte, samen hadden ze een jaar aan het conservatorium gestudeerd. De twee gingen naar een bruiloft waar het meisje ook heen bleek te gaan. Plots vroeg een oudere vrouw achter hen beleefd of zij haar boek in stilte zou kunnen lezen, we zaten tenslotte in een stiltecoupé en de trein was verder zo goed als leeg. ‘Maar mevrouw, wij hebben elkaar zo lang niet gezien en moeten echt even het een en ander uitwisselen voor we elkaar op de borrel weer uit het oog verliezen’, antwoordde Ruben. De vrouw zweeg, de jongelui kakelden verder.

Vrijheidsfundamentalisme
Wanneer Roos haar kat de deur uitzet omdat de kat haar liefde niet beantwoordt, wanneer Carien haar kind passeert omdat ze daar zelf gelukkig van wordt, wanneer Ruben de beleefde vraag van een oudere negeert omdat hij zelf even een babbeltje wil maken, verbaas ik me niet meer over de honderdduizenden kinderen in de jeugdzorg. Dan verbaas ik me niet meer over de tetterende hiphop-iPhones in de metrostations. Dan verbaas ik me niet over al die honden die zonder pardon op straat gezet worden. Het eigen geluk dat staat voorop en daar moet de rest voor wijken. En hoe graag Roos, Carien, Ruben en Charlotte ook naar de provinciale wijken vol PVV’ers wijzen waar volgens hen enkel immorele barbaren huizen, het verdwijnen van beschaving stopt niet bij de grens van Noord-Limburg. De daar plaatsvindende wantoestanden die onze media domineren zijn uiteindelijk uitwassen van het libertaristische vrijheidsfundamentalisme dat zegeviert op de pagina’s van de Volkskrant, ronddanst op bruiloften in Utrecht en bejubeld wordt in de Amsterdamse stadsschouwburg.

Arne Mosselman heeft toch altijd nog ergens iets sociaaldemocratisch.

Verscheen eerder op DeJaap

Netwerkgeneratie, vergeet niet achterom te kijken

Ernst-Jan Pfauth, blogger/journalist en oprichter van de netwerkrevolutie wil met dat blog de netwerkgeneratie - een groep die weet ‘hoe social media werkt, hoe ze kunnen netwerken en met idealen’ - activeren om de wereld te veranderen. Maandag aten we een hapje en Ernst-Jan vroeg me wat in mijn ogen de opdracht van de netwerkrevolutie zou moeten zijn.

De netwerkgeneratie is blij met het ‘doorbreken’ van de oude instituties. Via nieuwe kanalen zou verandering kunnen worden bereikt. En die nieuwe mogelijkheden worden gezegevierd en omarmd. Maar juist de netwerkrevolutie zou echter ook oog moeten hebben voor de nieuwe risico’s die met het wegvallen van die instituties ontstaan. Want veel structuren waren er niet voor niets, en het lijkt me getuigen van een naïef moderniteitsgeloof dat er niets slechts verdwijnt. Juist de voorstanders van de moderniteit, voor de samenleving 2.0, zijn het aan hun stand verplicht om ook te kijken wat er kapot gaat, en daar eigentijdse antwoorden op te formuleren. Ik doe drie suggesties, maar realiseer me dat de lijst nog lang niet compleet is.

Nieuwe onderzoeksjournalistiek
In een tijd waarin traditionele instituties aan invloed inboeten, is macht steeds minder zichtbaar. Wie er aan welke touwtjes trekt is onduidelijk en juist om dit bloot te leggen is onderzoeksjournalistiek een vereiste. Maar ook die verdwijnt, of krijgt in ieder geval veel minder geld en aandacht. We hijgen als geile hondjes achter de sociale gezichten van Google en Apple aan, maar wat zijn hun daadwerkelijke beweegredenen? Ernst-Jan liet al eerder zien dat het lang niet allemaal schone schijn is.

De netwerkrevolutie zou - met behulp van nieuwe media - opnieuw media in het leven moeten roepen om macht te controleren. En dat zou prima volgens de 2.0 methode kunnen. Kunnen we bijvoorbeeld het gat wat vertrekkende landencorrespondenten in Afrika achterlaten niet opvangen door via een crowdsourced website op vakantie allemaal een dagje onderzoek te doen en alle ‘fairtrade’ plantages in een jaar te fotograferen?

Maatschappelijke polarisering
Internet biedt ongekende mogelijkheden om met iedereen in de wereld tegen nul kosten - of energie - in contact te komen. Dit betekent echter ook dat het niets kost om met iedereen in de wereld niet in contact te komen. De divergerende krachten in de samenleving zetten zich op internet alleen maar in sterkere vorm voort; iedereen heeft zijn eigen plekje op het web en kankert daar op de rest.

Op zich niet erg voor het dagelijkse leven, maar het draagvlak voor een welvaartsstaat die geënt is op een afgebakende natie zal afnemen wanneer de inwoners steeds minder gemeen hebben. Solidariteit in de verzorgingsstaat hangt sterk samen met een gedeelde lotsverbondenheid, en de principes van de nieuwe media zetten deze onder druk. Hoe kunnen we dit tij keren, en ervoor zorgen dat ook op internet ontmoetingen ontstaan met mensen met wie we in eerste instantie vrij weinig gemeen lijken te hebben? Of is dit niet nodig? Laten we er in ieder geval niet aan voorbij gaan.

Banen voor de onderkant?
Die nieuwe samenleving biedt voor hoogopgeleiden die goed kunnen netwerken ongekende mogelijkheden. De vraag is of mensen die in 1.0 of 0.5 banen werken mee kunnen draaien in deze nieuwe wereldorde. Voor de netwerkgeneratie betekent 2.0 de mogelijkheid om deel uit te gaan maken van het management van een Thaise rijstplantage om deze te verduurzamen, voor anderen betekent globalisering de mogelijkheid voor Thaise plantagewerkers om de laagbetaalde banen van hier over te nemen.

Wanneer ik naar de jongens en meisjes van de netwerkgeneratie kijk, zie ik een groep die staat te popelen om de wereld te veranderen. Met de iPad onder de arm willen zij nu het verschil maken, grappend over de babyboomers en hun oude zuilensysteem. Maar af en toe achterom kijken kan helemaal geen kwaad. De weg naar de toekomst is immers niet voor iedereen even glad geplaveid.

Dit stuk verscheen eerder op DeJaap

Luister niet langer naar de lokale stamhoofden

Het is 28 februari, een zonnige winterse dag in het oosten van het land. De ganse Turkse gemeenschap is erop uitgetrokken om een groot feest te vieren; er wordt getrouwd! En terwijl de laatste restjes baklava weggesnaaid worden door de kleintjes, grijpt een oudere man met grote borstelsnor de microfoon. Of de mensenmenigte zich in drieën wilt delen, ieder in een hoek van de zaal.

Stemmen verdelen
Er moet namelijk gestemd worden woensdag, en voor de dorpse gemeenteraad staan drie Turken op de kieslijst. De man met de snor pakt een groot wit formulier met allemaal lijsten en begint uit te leggen. Groep 1, linksvoor, stemt op lijst 1 plek 8. En de groep achter in de zaal moet ook op de meest linkerlijst het twaalfde vakje aankruisen. De rechtergroep moet de 2e lijst hebben, daar staat op plek 6 een Turkse-Nederlander.

Er klinkt wat gemor onder een paar jonge, modern ogende feestvierders, maar soit, het is een feestdag en de discussies over de wenselijkheid van verkazing zullen ook vandaag niet beslecht worden. Wanneer de uitslagen vrijdag binnenrollen, blijkt waar iedereen al op rekende uitgekomen: alle Turkse kandidaten zijn gekozen.

Is dit een unicum? Nee, het gebeurde in het hele land. Op bruiloften, in moskeetjes of via de mail werd ervoor gezorgd dat de kandidaten die niet op een verkiesbare plaats stonden, hoger zouden komen. Terwijl men – terecht – verontwaardigd was wanneer ouderen aangaven wel PvdA te willen stemmen maar gewoon op een Hollander en niet op een hoofddoekje, werd twee straten verderop elke allochtoon erop gewezen dat ze wel op de Marokkaanse moesten stemmen. ’Ach, u bent Turks? Die leveren wij ook, dan stemt u op plek 19.’

Natuurlijk trapt niet iedereen hier in, en maakten vele Marokkanen, Turken of Somaliërs zelf hun afweging. Maar het is wel tekenend dat juist de progressieve partijen om de tafel kropen met conservatieve ´vertegenwoordigers´ om stemmen te vergaren. ‘Het gaat niet om je afkomst, maar om je toekomst’ klonk het overal. Maar blijkbaar niet als er zieltjes gewonnen kunnen worden.

Rassenkaart
Bleef het hierbij? Nee. Allerhande allochtone kandidaten werden door hun eigen partijen gesommeerd vooral naar de ‘achterban’ te gaan. Dan wordt ook op links de rassenkaart te pas en te onpas vrolijk getrokken. En juist die drinkende, tuigaanpakkende raadsleden die zich de afgelopen jaren hadden ontworsteld aan de soms verstikkende sociale controle uit de achterban, kregen vanuit hun eigen partij telefoontjes: ‘als je niet vaker naar de moskee komt gaan we niet op je stemmen’.

Is dat erg? Ja. Want voor wat hoort wat, zeker in de politiek. En dus zullen al die nieuw gekozen politici gedwongen worden naar de pijpen van hun achterban te dansen. Belofte maakt immers schuld, en we kunnen best nog wat meer parkeerplaatsen voor de moskee gebruiken. In Rotterdam blijkt zelfs dat het grootste obstakel voor een coalitie van PvdA – Leefbaar cliëntilistische verkiezingsbeloftes te zijn. Dat zou toch het hek van de dam moeten zijn. En niet zo’n beetje ook.

Ook de komende maanden zullen weer in het licht staan van prachtige staaltjes electoraal gepaai. En natuurlijk hoort dat bij verkiezingen. Maar dat gepaai kan en mag nooit zo bepalend worden dat principes opzij gezet worden. Cohen zal van alle kanten ongetwijfeld het advies krijgen zijn imago als allochtonenknuffelaar uit te buiten en stemmen te winnen op het breedgedragen anti-Wilders sentiment. Maar waar dit misschien tot een overwinning op 9 juni kan leiden, is dit vanaf 10 juni een enorm blok aan het been: hoe de kiezers met oerconservatieve gedachten tevreden te houden en tegelijkertijd het programma over gelijke rechten uit te voeren?

De progressieve partijen moeten de komende maanden niet dezelfde fout maken. Ze moeten een onverdeeld links geluid laten horen, gelijke kansen voor iedereen maar zeker ook gelijke rechten. En wanneer dit bij een aantal lokale stamhoofden tot gemor leidt, dan is dat maar zo; juist de partijen die op willen komen voor de minderheden lijken te onderschatten hoeveel nieuwe-Nederlanders de oude knuffelpraatjes zat zijn. Juist zij willen op een moderne boodschap stemmen en niet op basis van hun huidskleur voor het karretje van de zoveelste carrière-allochtoon worden gespannen. Voor de toekomst van de progressieve partijen zijn deze vrijgevochten topallochtonen veel belangrijker dan het orthodoxe anti-Wilders stemvee. Dat hoorde eigenlijk toch al niet op links thuis.

Arne Mosselman staat in zijn vrije tijd graag foldertjes uit te delen voor Marokkaanse kandidaten, ondanks zijn blonde haren en blauwe ogen.

Dit artikel werd eerder op DeJaap geplaatst.

Luctor et Emergo

Exclusieve beelden van het wonder van de Hudson, vlucht1549 New York City vanDavid Martin. Via The Daily Dish.

Zaterdag Poezie #1

“In de scherpe sprankeling van vandaag, deze winterlucht, kan alles worden gemaakt, elke zin worden begonnen. Op de rand, op de drempel, op het keerpunt.” Elizabeth Alexander sprak bij de inauguratie van Obama ‘een lofzang op de dag’ uit. In Trouw afgelopen zaterdag uitgebreid commentaar van Theo de Boer, het gedicht hieronder.

Elke dag doen we onze dingen,
lopen langs elkaar heen,
vangen elkaars blik of niet, praten of maken aanstalten te gaan praten.

Overal om ons heen is lawaai. Overal om ons heen
lawaai en doornstruiken, distels en herrie, met al
onze voorouders op onze tong.

Iemand naait een zoom, stopt
een gat in een uniform, plakt een band,
repareert de dingen die gerepareerd moeten worden.

Ergens probeert iemand muziek te maken
met een paar houten lepels op een olievat,
met cello, gettoblaster, mondharmonica, stem.

Een vrouw en haar zoon wachten op de bus.
Een boer bestudeert de veranderende lucht.
Een leraar zegt: Pak je potlood. Begin.

We komen elkaar tegen in woorden, woorden
stekelig of strelend, zacht of op hoge toon,
woorden om te overwegen, te heroverwegen.

We steken zandpaadjes en snelwegen over die de wil
van iemand markeren en dan van anderen die zeiden:
Ik moet de overkant zien.

Ik weet dat het verderop beter is.
We moeten een plek vinden waar we veilig zijn.
We lopen datgene in wat we nog niet kunnen zien.

Zeg het ronduit: dat er velen gestorven zijn voor deze dag.
Zing de namen van de doden die ons hier hebben gebracht,
die de spoorwegen aanlegden, de bruggen bouwden,

het katoen en de sla plukten, steen voor steen
de blinkende gebouwen oprichtten
om die vervolgens schoon te houden en erin te werken.

Lofzang voor strijd; lofzang voor de dag.
Lofzang voor elk met de hand beschreven bord;
het passen en meten aan de keukentafel.

Sommigen hebben als motto: Heb je naaste lief als jezelf.
Anderen: Doe voor alles niemand kwaad of Neem niet meer
dan je nodig hebt
. Stel dat het machtigste woord echt liefde is?

Liefde voorbij huwelijk, kinderen, vaderland.
liefde die een steeds groter meer van licht verspreidt,
liefde die geen preventie van grieven nodig heeft.

In de scherpe sprankeling van vandaag, deze winterlucht,
kan alles worden gemaakt, elke zin worden begonnen.
Op de rand, op de drempel, op het keerpunt,

lofzang voor het naar voren lopen in dat licht.

Elizabeth Alexander
Vertaling: Robbert-Jan Henkes en Erik Bindervoet

De Nederlander anno 2009: een hypocriete klootzak

De Nederlander anno 2009 wil een Nederland vol camera’s om vervolgens alle straatterroristen uren achter elkaar op Nederland 1, 2 en 3 vol in beeld te laten verschijnen, en schreeuwt moord en brand op het moment dat ze zelf een keer in de lens van zo’n camera kijken. De Nederlander anno 2009 wil dat iedereen de godganse dag overal in Amsterdam wordt gefouilleerd, maar scheldt diezelfde politie tot op het bot uit op het moment dat ze worden gevraagd hun legitimatiebewijs te laten zien.

De Nederlander anno 2009 wil dat iedereen in een straal van 100 kilometer rondom een verkrachting DNA verplicht moet afstaan, en spuit de internetriolen vol met stasihaat op het moment dat er een voorstel voor een vingerafdrukdatabase op tafel ligt. De Nederlander anno 2009 speurt met camera’s naar foutgeparkeerde politieauto’s om ze daarna prominent op GeenStijl te zetten, en kankert een dag later aan de gemeentebalie erop los omdat de buurman al 13 minuten te lang op de stoep staat geparkeerd.

Profiteurs
Iedereen doet alles fout, en daar moet de overheid alle mogelijke buitenproportionele middelen op inzetten, maar o wee als de onschuldige ik ook maar een ietsiepietsie last van diezelfde maatregelen heeft. Dan is die wereld te klein.

Bijstandsfraude staat ongeveer op nummer 1 als het gaat om dingen waar de politiek ‘ONMIDDELIJK EEN EINDE AAN MOET MAKEN STELLETJE LUIE UITVRETERS KLOOTZAKKEN DIE VAN ONZE BELASTINGCENTEN PROFITEREN’. Aangezien de politiek nog een beetje luistert en fraude alleen door middel van huisbezoeken vast te stellen is, controleert de overheid hoeveel mensen er in welke huizen wonen, of er niet illegaal wordt ondergehuurd en ga zo maar door. Diverse berichten worden aan de bewoners verzonden en er wordt een keer aangebeld. Geen resultaat. ‘MAAR WAAROM TREDEN ZE NIET HARDER OP STELLETJE KLOOTZAKKEN,’ is de reactie. Tja, wat moet je dan.

Dan wordt er een keer door de politie binnengevallen. En natuurlijk mogen ze de camera dan niet afpakken, er zal ook vast nog wel meer fout gaan, maar de collectieve hysterie die dan ontaardt in gestapo-beschuldigingen is werkelijk tenenkrommend. Tenenkrommend, en tekenend voor het land waar mensen na een parkeerboete eisen dat ze driehonderd jaar mogen procederen, maar een tasjesdief het liefst levenslang achter slot en grendel zien verdwijnen zonder enig recht op rechtsbijstand. Ik word het zat. De hypocrisie. Die ‘jij wel maar ikke nooit ‘ houding.

Opsporing Verzocht
Tegen camerabewaking? Prima, maar accepteer dan wel een kleinere pakkans en minder vermaak bij Opsporing Verzocht. Tegen preventief fouilleren? Prima, maar accepteer dan wel meer steekpartijen. Tegen huisbezoeken? Prima, maar accepteer dan wel meer bijstandsfraude. Tegen databases? Prima, maar accepteer dan wel meer criminelen op straat en probleemkinderen in de bijstand.

Stelletje hypocriete klootzakken.

Deze column verscheen eerder op DeJaap

CC-Foto: Paul Keller

Louter demoniseren

Er waart een nieuw spook door Nederland. Een nieuwe klimaatcrisis. Een klimaat van geweld, van haat, van angst. Althans, als we de vele opinieleiders mogen geloven. Het is moeilijk door de bomen het bos te zien, en toch probeer ik de bedreigingen aan het adres van Herman van Veen te ontrafelen. Wilders drukt volgens de oud-linkse elite al jaren alle moslims in de hoek, en creëert daarmee een klimaat van haat. ‘En in een tijd van economische crisis, weten we hoe dat af kan lopen’. Het argument luidt dat doordat Wilders iets zegt, anderen sneller naar de wapens zullen grijpen en het bloed rijkelijk zal vloeien.

Deze argumentatie bereikte vorig weekend zijn hoogtepunt toen Alexander Pechtold, de baken van anti-wilderiaans Nederland, Wilders voor racist en extreem-rechts uitmaakte. Onderliggend idee: als de Moslims iets aangedaan wordt, heeft Wilders het gedaan.

Klimaatontkenner
Een opmerkelijke reactie van Wilders volgde. Waar hij eerst nog klimaatontkenner was, ging het demonisatie-argument plots wel op. Niet hij, maar Pechtold en Van der Laan creëren een klimaat van angst. Als hem iets aangedaan zou worden zouden zij op hun beurt verantwoordelijk zijn. Maar in plaats van Wilders een spiegel voor te houden veranderen ook zij in klimaatontkenners. Wat een kulargument, twitterden ze in koor. Hoezo demonisering? Vrijheid van meningsuiting! Wilders is toch een racist!

Vijf jaar na de moord op Van Gogh demoniseert Wilders moslims, Pechtold Wilders en Wilders dan weer Pechtold. En op elke beschuldiging schreeuwen beide kampen om het hardst hoe belachelijk die beschuldiging wel niet is.

Wibra
Te midden van tientallen camera’s, journalisten en microfoons snakkend naar nieuwe demoniseringen kwamen de enige zalvende woorden deze week van een handjevol vrienden van Pim. Vijf jaar na de moord op hun Theo spraken zij op een paar vierkante meter stenen, voor de Wibra op de Lineausstraat over de vrijheid van meningsuiting. Wij dromen, riepen ze, over een Nederland waar iedereen een hoofddoekje mag dragen, én mag zeggen wat die wil. De hoge heren in Den Haag kunnen van deze vrienden van Pim nog een hoop leren.

Deze column verscheen eerder op DeJaap



Copyright © 2004–2009. All rights reserved.

RSS Feed. This blog is proudly powered by Wordpress and uses Modern Clix, a theme by Rodrigo Galindez.