Via Twitter kreeg ik de tip om de Van Randwijklezing 2009 te lezen, uitgesproken door Alexander Pechtold. Daarin zouden namelijk wel ideeen over integratie staan, van deze zelfde Alexander Pechtold. De gehele lezeing staat hier, ik heb de relevante stukjes hieronder geplaatst en voorzien van mijn commentaar. Een hele korte samenvatting? Niet praten over culturele verschillen (die doen er namelijk niet toe), culturele verschillen juist accepteren (vreemd, nietwaar?) en om paralelle samenlevingen te voorkomen de democratie vernieuwen. Zie hier het antwoord op Wilders volgens de meeste hoogopgeleiden in Nederland.
Nederland stevent af op een inderdaad gespleten samenleving. Maar de kloof ligt niet tussen kaaskoppen en mocro’s. Die ligt tussen hoog- en laagopgeleiden. En dat kan wel eens heel fout aflopen.
Enfin, de (geknipte) lezing van Pechtold
Arne: na een uitgebreide inleiding begint Pechtold eindelijk over integratie:
Pragmatisch idealisme zie ik ook graag terug in onze binnenlandse politiek. Vooral op het terrein van het integratiebeleid, waar de balans is verstoord tussen wat we willen bereiken en wat we daarvoor doen.
Ik doel niet op de evident problematische kant van de integratie. Spanningen in oude wijken, overlast en criminaliteit, beknotting van vrijheden, discriminatie, schooluitval, ontspoorde jongeren en ouders, die niet weten hoe hun betrokkenheid te tonen. Het spreekt voor zich dat die problemen moeten worden aangepakt. En dat we daar alle mogelijke middelen voor inzetten.
Jeugdbeleid, antidiscriminatiebeleid, onderwijs, stadsvernieuwing maar ook het veiligheidsbeleid: ze zijn stuk voor stuk hard nodig. De regels en beginselen van de rechtstaat gelden voor iedereen – ongeacht etnische, religieuze of culturele achtergrond. En iedereen zal zich dus daar aan moeten houden. In geval van overlast in trams, in wijken of geweld tegen ambulancebroeders, vrouwen en homo’s, en ook bij een vermeende terreuraanslag, wil ik niets horen over eventuele cultuurverschillen. Ik wil alleen horen hoe politie en justitie dat gaan aanpakken.
Arne: en als politie, justitie en hulpverleners, onderbouwd met statistieken, pleiten voor een (deels) culturele aanpak omdat met generaal beleid niemand geholpen wordt, wat is Pechtolds antwoord dan? Hij gaat er niet op in. H
De achterliggende gedachte is dat we integratie kunnen forceren en sturen. Maar dat is een misverstand. Dat kunnen we niet. We focussen op aanpassen en aanleren, terwijl integratie eerst en vooral een proces van emancipatie is. Van het ontwikkelen van burgerschap, eigen identiteit, zelfbewustheid. Voor dat actieve burgerschap kun je als samenleving voorwaarden scheppen, je kunt het niet afdwingen of opleggen. Emancipatie van nieuwkomers is een autonoom proces.
Arne: dus er zijn wel culturele verschillen, en die moeten ook nog veranderen, maar daar wil hij niets over horen? Want dat is een autonoom proces, dat wel goed zal gaan als we er niet over praten?
Bovendien zijn archaïsche begrippen als ‘nationale identiteit’ en ‘patriottisme’ weer terug in het politieke vocabulaire.
Arne: terwijl het grootste gedeelte van de wereldbevolking (ook de ‘allochtonen) niet alleen behoefte heeft aan nationale identiteit, maar zelfs lokale identiteit sterker wordt, noemt Pechtold dit archaisch. Hoezo, kloof tussen burger en politiek.
Als ik me niet vergis, is die beeldvorming vooral vanaf het midden van de jaren ‘60 sterk aangewakkerd. Als Nederland ooit vrijzinnig en tolerant was, dan was zij dat in die tijd.(…) Nog tot halverwege 2002 werden die met een zekere regelmaat gevoerd. Een foto uit die tijd stond onlangs opnieuw in de krant. Die was kennelijk uit het archief van de fotoredactie gevallen. We zien de moslimgeestelijke Abdullah Haselhoef. Lachend laat hij zich onderzoeken door de hoofdredacteur van de Gay Krant, Henk Krol, die zich voor de gelegenheid als arts heeft uitgedost, compleet met stethoscoop. De omstanders kijken geamuseerd toe. Het onderschrift luidt nu: ‘Er kon toen nog gelachen worden over culturele verschillen.’ Dat vermogen hebben we dus verloren.
Arne: Het vermogen om niet in te gaan op culturele verschillen? Om Haselhoef te vragen hoe hij over homosexualiteit, vrijheid van meningsuiting en individuele vrijheid denkt? Over de ontplooiing van zijn hypothetische kinderen? Pechtold betreurt dus dat we dat vermogen hebben verloren…
Tot midden jaren zestig speelde het politieke leven zich voor een belangrijk deel af binnen de eigen zuil, de katholieke, protestants- christelijke of socialistische zuil. Maar de mensen uit die verschillende groepen kwamen elkaar nauwelijks tegen. Die gingen niet met elkaar om. Hoezo tolerant en verdraagzaam?
Arne: vindt Pechtold dit nu juist goed, of niet? Nee toch. Net waren we nog wel tolerant in de jaren 60, en nu dus eigenlijk opeens niet meer.
Zeker, het stelsel had regenteske vormen, maar die bleven binnen de grenzen van het aanvaardbare. Het samenlevingsmodel mag worden opgevat als een bijna ideaal binnenwerk voor een democratie. De sociale cohesie was verzekerd, de maatschappelijke verhoudingen waren stabiel en de politieke partij was dé schakel tussen burger en overheid. Ons democratisch tekort werd pas onaanvaardbaar groot nadat de regenten verjaagd werden?. Vooral veel lageropgeleiden keren zich af van de politiek. Zij hebben er geen vertrouwen meer in dat hun noden en zorgen serieus worden genomen. Ze voelen zich onbegrepen, in hun angst voor mondiale crises, Europese integratie en migratiestromen. Populisten spelen daar behendig op in, blazen tegenstellingen aan, en propageren het heil van een utopische nationale monocultuur. Anderen staan aan de verleiding bloot om mee te deinen op de golven van dat populisme. Dat is voor mij geen oplossing.
Arne: Prima! Maar wat is dan wel uw oplossing?
Denken over democratie is durven benoemen waar we vastlopen, waar ons gecompliceerde stelsel van legitimatie en besluitvorming verzandt en voor betrokken burgers een onherkenbare brij wordt van getrapte machtsvorming, anonieme volksvertegenwoordigers en zielloze compromissen. Denken over democratie is denken over de schaal van onze huidige maatschappelijke problemen. En over de vraag hoe zowel hoger als lager opgeleiden bij de oplossing kunnen worden betrokken.Ik wil niet vooruitlopen op de uitkomst van nog te voeren debat. Ik heb er wel een vermoeden van.
Een haast onvermijdelijke conclusie zal zijn dat meer directe vormen van democratie zowel wenselijk als haalbaar zijn. Want alleen op die manier worden politici en partijen gedwongen om rekening te houden met de stem van alle betrokkenen, of ze nu hoger of lager opgeleid zijn. Maar wat echt zorgen baart is het moedeloos stemmende machtsconservatisme dat geen enkele vernieuwing toestaat, omdat het zich daardoor per definitie bedreigd weet.
Arne: ok, dus we zien groepen in de samenleving die langs elkaar leven, zowel in de verzuiling als nu weer met de verschillende allochtone groepen. En Pechtold denkt oprecht dat dat verdwijnt als we meer directe democratie toepassen. That’s it?
Laten we ook praktisch te werk gaan als we het over integratie hebben. Integratiepolitiek is met de beste bedoelingen gemaakt, zeker, maar het is allerminst effectief. Zou het niet verstandig zijn deze politiek maar af te schaffen? (…) Mijn doel is een samenleving die samenbindt in plaats van splijt. Met ruimte voor andersluidende opvattingen, voor continue duiding, opinie en debat.
Arne: De aap komt uit de mouw, we moeten het debat gewoon afsluiten. Pechtold sluit zijn lezing af met een aantal mooie zinnen, waarin een en ander nog eens helder verwoord wordt.
Vrijheid komt toe aan het individu, maar is geen louter privé zaak.
Vrijheid heeft gemeenschap nodig.
De vraag is alleen welk soort gemeenschap.
Gaat het om een eenheid van waarden en cultuur die vanouds geacht werd te bestaan.
En waarvan we denken, dat we die opnieuw kunnen afdwingen
door een nieuw nationaal bewustzijn met eigen canons en symbolen?
Of gaat het om een gemeenschap van mensen
die over waarden,
over het verleden en de toekomst,
heel verschillend mogen denken.
Maar tegelijkertijd beseffen dat ze in vrede, via politieke strijd met woorden,
hun lotsverbondenheid gestalte willen geven
Zodanig dat er voor iedereen een plaats is als vrije burger?
Ik kies voor dat laatste.
Arne: het is duidelijk. Pechtold wil terug naar de schijntolerantie waarin niet over culturele verschillen werd gesproken, en lijkt te hopen dat de sociale cohesie hersteld wordt door meer vormen van directe democratie. Meer kan ik er niet van maken. Pechtold pleit voor GEEN integratiepolitiek. Hij vindt het prima als mensen eigen waarden hebben, en zij over verleden en toekomst heel anders denken. En ik lees niet anders dan dat hij het ook prima vindt als mensen anders over de holocaust (verleden) of gelijkheid man/vrouw (toekomst) denken. Als we het maar tolereren, en samen aan directe democratie doen.